Zwemmen in een meer, een plas of de zee trekt steeds meer mensen aan, en het is voor velen prettiger dan baantjes trekken in een bad. Tegelijk gelden er andere aandachtspunten: er zijn geen lijnen, geen bodem in zicht en de omstandigheden wisselen. Dit artikel gaat over de praktische en veiligheidsaspecten van open water zwemmen en over wat je lichaam er anders in doet.
Wat anders is dan in het bad
In open water is er geen rand om aan vast te houden en geen lijn om te volgen. Je zwemt langer aaneengesloten, kijkt regelmatig op om te oriënteren en hebt te maken met wind, stroming en golven.
Dat maakt het inspannender dan dezelfde afstand in een bad, ook wanneer je tempo op papier gelijk lijkt. Voor wie eraan begint, is het verstandig de eerste keren korter te zwemmen dan je in het bad gewend bent en dat geleidelijk uit te breiden.
Koud water en de eerste minuten
De belangrijkste factor is de watertemperatuur. Bij het instappen in koud water reageert het lichaam met een schrikreactie: snelle ademhaling, een gevoel van benauwdheid en soms paniek. Dat effect zakt na enkele minuten, maar juist die eerste minuten zijn het risicovolst.
Rustig te water gaan in plaats van erin springen, en eerst even blijven staan of drijven tot de ademhaling tot rust is gekomen, is de gebruikelijke aanpak. Ga niet meteen ver van de kant. Bij hartklachten of andere aandoeningen is het verstandig vooraf met een arts te overleggen of koud water in jouw situatie passend is.
Ontdek de MOVEX™-collectie → Bekijk alle producten.
Afkoeling onderschatten
Ook wanneer de eerste minuten goed gaan, koelt het lichaam in koud water geleidelijk af. Dat verloopt sluipend: je merkt het vaak pas wanneer de coördinatie minder wordt of wanneer je begint te rillen.
Praktisch betekent dat: korter zwemmen dan je eigenlijk zou willen, zeker in het voor- en najaar, en uit het water gaan voordat je het echt koud krijgt. Na afloop snel droge kleding aantrekken en iets warms drinken. Rillen dat na het aankleden aanhoudt, is een reden om extra op te warmen en niet meteen te gaan autorijden.
Nooit alleen
Het belangrijkste veiligheidsprincipe is dat je niet alleen zwemt. Samen zwemmen of zwemmen op een plek waar toezicht is, maakt het verschil wanneer er iets misgaat.
Een felgekleurde badmuts en een zwemboei die je met een lijntje achter je aan trekt, maken je zichtbaar voor boten en voor anderen op het water. Zo'n boei is bovendien iets om even aan te hangen wanneer je wilt uitrusten. Laat daarnaast iemand op de kant weten welke route je zwemt en hoe lang je ongeveer wegblijft.
Gewenning opbouwen
Mensen die regelmatig in koud water zwemmen, merken dat de schrikreactie bij het instappen na verloop van tijd minder heftig wordt. Die gewenning bouwt op door regelmatig te gaan, niet door één keer lang door te zetten.
Praktisch betekent dat: vaker en korter in plaats van af en toe lang. Wie het seizoen doorzwemt terwijl het water geleidelijk afkoelt, bouwt die gewenning vanzelf op. Wie na maanden weer instapt in koud water, begint opnieuw en doet er goed aan dat voorzichtig te doen.
Gewenning neemt overigens niet weg dat het lichaam afkoelt. Ook ervaren koudwaterzwemmers houden de tijd in het water beperkt.
De plek kiezen
Niet elk water is geschikt. Let op stroming, op scheepvaart en op de kwaliteit van het water; in Nederland worden officiële zwemwaterlocaties gecontroleerd en wordt gewaarschuwd bij blauwalg of een slechte waterkwaliteit.
Zwemmen buiten aangewezen locaties brengt risico's mee die vanaf de kant niet zichtbaar zijn, zoals onderstroming, plotselinge diepteverschillen of vaarverkeer dat je pas laat opmerkt. Bij zee komt daar getij en muistroom bij. Kies bij voorkeur een plek waar je met de kant als oriëntatiepunt kunt zwemmen in plaats van er recht vandaan.
Oriënteren en de nek
Om koers te houden til je bij open water regelmatig het hoofd op. Dat is een beweging die je in het bad nooit maakt, en wie het vaak doet, belast daarmee de nek en de onderrug.
De gebruikelijke aanwijzing is om het hoofd net ver genoeg op te tillen om vooruit te kijken en het daarna direct weer te laten zakken, gekoppeld aan de ademhaling. Niet bij elke slag oriënteren maar met tussenpozen scheelt eveneens. Wie daarvan nekklachten krijgt, vindt achtergrond in het overzicht over nekpijn en de oorzaken daarvan, en wie last krijgt van de onderrug in het artikel over rugpijn.
Wat je meeneemt
Een paar praktische dingen maken het verschil tussen een prettige en een vervelende sessie. Een badmuts beperkt afkoeling via het hoofd, en bij koud water dragen sommige zwemmers daarnaast neopreen mutsen, sokken of handschoenen.
Droge kleding die makkelijk aan gaat over een klamme huid is prettiger dan strakke kleding, en een handdoek of omkleedjas maakt omkleden aan de waterkant eenvoudiger. Neem iets warms te drinken mee voor na afloop.
Denk ook aan schoeisel voor de weg naar het water: stenen, schelpen en scherpe voorwerpen op de bodem zijn een bekende oorzaak van verwondingen aan de voet. Waterschoenen zijn daarvoor de gebruikelijke oplossing.
Kramp en vermoeidheid
Kramp komt in open water vaker voor dan in het bad, deels door de kou en deels doordat je langer aaneengesloten zwemt. In open water is dat vervelender, omdat er geen rand is om even vast te pakken.
Rustig op de rug gaan liggen en drijven is dan de eerste stap, waarna je kalm terug kunt zwemmen. Doorzwemmen met kramp werkt zelden en kost meer energie dan even stilliggen; hoe je de belasting in het algemeen opbouwt staat in het artikel over overbelasting. Een zwemboei is hierbij waardevol. Meer over kramp staat in het overzicht over spierkramp en waar het vandaan komt, en over kuitklachten in het artikel over kuitpijn.
Veelgestelde vragen
Vanaf welke temperatuur is open water zwemmen verstandig?
Daar bestaat geen vaste grens die voor iedereen geldt, omdat gewenning, lichaamsbouw en zwemduur allemaal meespelen. Wel geldt dat hoe kouder het water, hoe korter je erin blijft en hoe belangrijker rustig te water gaan wordt. Bij hartklachten is vooraf overleg met een arts verstandig.
Heb ik een wetsuit nodig?
Niet altijd, maar in koeler water maakt het een groot verschil in hoe lang je comfortabel kunt zwemmen. Een wetsuit geeft ook meer drijfvermogen. Wen er eerst aan in ondiep water, omdat het zwemgevoel en de bewegingsvrijheid in de schouders anders zijn.
Wat doe ik als ik in paniek raak in het water?
Op de rug gaan liggen en drijven is de gebruikelijke eerste stap, zodat je gezicht boven water blijft en de ademhaling tot rust kan komen. Daarna rustig terug naar de kant. Een zwemboei om aan te hangen helpt hierbij, en dit is een van de redenen om nooit alleen te zwemmen.
Conclusie
Open water zwemmen vraagt om andere voorbereiding dan baantjes trekken: rustig te water gaan vanwege de schrikreactie op koud water, korter zwemmen dan je zou willen vanwege de sluipende afkoeling, en nooit alleen gaan. Een felle badmuts en een zwemboei maken je zichtbaar en geven houvast. Kies een officiële zwemwaterlocatie en oriënteer met tussenpozen om de nek te sparen. Bij hartklachten is vooraf overleg met een arts aangewezen.
Ondersteuning bij dagelijks bewegen
Op zoek naar ondersteuning bij het bewegen? Bekijk de MOVEX collectie met tapes en ondersteunende producten. Zo’n hulpmiddel is een aanvulling en vervangt geen oefeningen, fysiotherapie of medisch advies.
Gerelateerde artikelen
- Nekpijn: oorzaken en behandeling
- Spierkramp: oorzaken en wat je kunt doen
- Kuitpijn: oorzaken en behandeling
Medische disclaimer: De informatie in dit artikel is uitsluitend bedoeld voor algemene voorlichting en vervangt geen persoonlijk medisch advies, diagnose of behandeling. Neem bij aanhoudende, ernstige of verergerende klachten contact op met uw huisarts of een andere bevoegde zorgverlener.